York en Cambridge

12 augustus 2025

We zijn al weer een paar dagen op de boot. Alles opgeruimd en lekker ruim geslapen op Tiberius. De Eriba is een mooi reismiddel maar hij blijft krap. Wat dat betreft is het wel wennen. Bovendien zijn de campings waar we gestaan hebben niet te vergelijken met de havens waar we in het buitenland met Tiberius hebben gelegen. Dan lag je midden in de oude haven, grenzend aan de binnenstad. Dat gaf echt een stedelijk gevoel met karakter. De schepen waren over het algemeen genomen mooi om te zien. Op de camping zit je naar je buurman te kijken die allemaal voor de zelfde witte motorhome hebben gekozen. De een nog groter dan de ander. Ons retro caravannetje valt vaak in het niet. Gelukkig staan er vaak ook enkele tenten.

Dit keer nemen we op de terugweg vanuit het hoge noorden voornamelijk snelwegen. Ons doel is na het landelijke en verlaten Schotland met vaak smalle wegen, in Engeland twee steden te bezoeken: York en Cambridge. Beide steden hebben we nog niet eerder bezocht.

York is bekend vanwege de grote kathedraal, de York Minster, zetel van de aartsbisschop van York. Het is de op een na grootste kathedraal van Europa. Rijk versierd met houtsnijwerk en gebrandschilderde ramen. De kathedraal lijkt nog groter omdat de omringende bebouwing relatief laag is voor een stad van dit formaat. Ook binnen is alles groot en indrukwekkend: de hoge gewelven, de hoge ramen, de rijke versiering en het gigantische orgel. Nog nooit zulke grote orgelpijpen gezien. Het orgel wordt tijdens onze aanwezigheid jammergenoeg niet bespeeld. Als we later buiten lopen luiden wel de klokken. Wel een paar minuten achter elkaar produceren de klokken een onheilspellend gigantisch gegalm.

Ik kan het niet laten een stadsgezicht van York te maken, zo’n bijzondere stad. De kathedraal steekt hoog boven de omringende bebouwing uit. Dat is goed te zien op bijgaand stadsgezicht. De kleine kerken vallen daarbij in het niet.

Cambridge is een heel anders. De stad is de zetel van een van de bekendste universiteiten van de wereld: de University of Cambridge. Afgelopen jaren kwam de helft van de bachelors-studenten en een kwart van de masterstudenten uit het buitenland. De universiteit heeft ondermeer een grote aantrekkingskracht voor Chinese studenten. Dat merken we op straat. Maar niet alleen door de studenten die we zien, maar ook zijn er hele gezinnen en bussen met Chinezen.

Maar het blijkt dat de chinezen ergens anders voor komen. Niet voor de stad. Ik lees dat achter het King’s College een granieten steen met tekst ligt. Het bevat regels van het gedicht Farewell to Cambridge van de Chinese dichter Xu Zhimo. Hij is de geschiedenis ingegaan als Chinese cultfiguur, door zijn ongeoorloofde liefdesleven en zijn succes bij de introductie van westerse vormen in de Chinese literatuur. En met name door een vliegtuigongeluk in 1928, waarbij hij op 31 jarige leeftijd omkwam nadat hij Cambridge had bezocht. Zijn gedichten worden aan Chinese schoolkinderen onderwezen als vorm van de moderne poëziebeweging.

Als we door Cambridge lopen dan blijkt dat de universiteiten helemaal met de stad vergroeid zijn. Ook valt op dat veel gebouwen grote binnenruimten hebben. Het lijkt wel of de stad talloze universiteiten huisvest. Maar het is er maar een. Elke faculteit lijkt zijn eigen gebouw met eigen uitstraling te hebben. Als je tussen de gebouwen door loopt dan komt de monumentaliteit van de gebouwen en de stad nog beter over.

King’s College met de kapel rechts

de straten en stegen tussen de universiteitsgebouwen

Lord of the Rings

1 augustus 2025

Het is nog geen week geleden dat ik mijn vorige bericht schreef, maar het lijkt alweer een maand geleden. We zijn dan ook in het land van ‘Lord of the Rings’. Het landschap is beeldschoon, voor een groot deel verlaten, maar niet helemaal te bevatten.

Onze eerste tocht over Skye liep via Portree, over het schiereiland Trotternish helemaal tot aan de Sea of the Hebrides. Een mooie rotsachtige kustlijn waar zich soms watervallen van hoge kliffen in zee storten. Terwijl het eiland zelf vriendelijk en groen golvend is met her en der kleine nederzettingen, bestaande uit witte huisjes waar schapen omheen scharrelen. We rijden voortdurend op singel-road weggetjes. Op onregelmatige afstand bevinden zich ‘passing places’, waar je moet wachten op tegemoetkomend verkeer. Dat is wel even wennen maar de Schotten zijn coulant.

Portree viel tegen. De gekleurde huisjes waren een beetje fake. Het uitzicht vanaf de kade was daarentegen prachtig.

Aan de westzijde van Skye bezoeken we Dunvegan Castle met een prachtige oude botanische tuin er omheen die uiteindelijk, door vasthoudendheid van de eigenaren, toch tot bloei kwam, ondanks de onderlinge twisten van de landeigenaren uit de omgeving.

We besluiten niet verder het noordelijkste deel van Schotland te verkennen. We vinden het te ver en gaan liever een keertje op een andere wijze naar de Orkney Islands. We rijden dwars door de Schotse Highlands naar het oosten. Alhoewel ons verteld is dat Dundee een armoedige stad is gaan we er toch heen omdat hier een bijzonder Designmuseum is gevestigd, dat prachtig aan de monding van de Tay ligt. Er is onder andere een prachtige expositie van borduurwerk uit Palestina. Prachtig werk van een volk dat het nu zwaar te verduren krijgt onder de invloed van Israelische terreur.

Ik heb ook een stadsbeeld gemaakt van Dundee om te tonen wat armoe en onverschilligheid met een stad doet. Een groot verschil met het koninklijke St Andrews dat we later bezochten. Een plaats op het schiereiland Fife onder andere bekend geworden van de oude Universiteit van de stad en de toonaangevende golfbaan.

stadsgezicht van Dundee: gevels met weinig onderhoud en schreeuwende winkelpuien.

de Victoriaanse architectuur van St. Andrews

de beroemdste golfbaan van de wereld: St Andrews Golfclub

Onderweg terug naar de camping zien we prachtige bomen die op vliegdennen lijken, zoals ze hier en daar langs de Nederlandse kust staan, maar het niet zijn.

Sterke whisky, groene heuvels

Oban is bekend om haar Whisky. Hier wordt al vele generaties deze uiterst sterke Schotse lekkernij gedestilleerd. Ik wordt rondgeleid door een jonge man die rap Schots-Engels praat. Niet te verstaan. Ria kan niet mee want de rondleiding is volgeboekt en ze houdt toch niet van whisky. Dan kijk ik maar en lees bij elke stap die het whiskyproces ondergaat een korte beschrijving die in diverse talen aan de muur hangt: 1 dag mouten, 3 dagen gisten, zorgvuldig destilleren waarna je een heldere, hoog alcoholische drank overhoud, en dan minimaal 11 jaar rijpen op eiken vaten. Eigenlijk de belangrijkste stap. Ik proef en neem een flesje mee om thuis nog wat verder te genieten. De productie gaat snel en grotendeels automatisch, maar de rijping kost tijd, voor de huidige begrippen heel veel tijd.

Gisten in houten vaten, destilleren in koperen apparaten (pot still), rijpen op vaten in de pakhuizen en proeven uit een echt Oban-glaasje.

Oban met stoere gebouwen aan het water en meeuwen op de kade.

We willen ook naar het eiland Mull aan de overkant, maar krijgen geen plek met de auto op het veer. Dan maar met de fiets gegaan en alleen de eerste heuvel op gefietst waarna mijn batterij al leeg begon te raken. Nog maar één streepje! In Schotland moet je sowieso niet fietsen ervaren we. Veel te gevaarlijk en te grote afstanden. Dan maar met een kleine bus met een onverstaanbare buschauffeur die ons over smalle dichtbegroeide, kronkelige weggetjes naar het dichtstbijzijnde kasteel ontvoert. De tentoonstelling in het kasteel laat de geschiedenis zien waarin de MacClean-clan een belangrijke bijdrage in had. Eén portret wat er hangt heeft veel weg van Prins Charles. We lopen rond het kasteel waarbij het uitzicht adembenemend is. Bij terugkomst bij het veer loopt er een soort Monsieur Hulot over de kade in een licht pak met lichte hoed. Ik kan het niet laten hem te fotograferen.

Na drie dagen verruilen we onze slecht geoutilleerde camping bij Oban voor de mooie camping naast de Ben Navis in Fort William. We eten slechte biefstuk in het naastgelegen restaurant waar ik prompt mijn camera laat liggen. Dat merk ik bij het eerste mooie uitzichtpunt als we de volgende dag al een half uur onderweg zijn, omdat ik mis grijp. Omdat we geen klimmers zijn besluiten we na een moment van keuzestress, de volgende dag het eiland Skye op te rijden en gaan helemaal door tot een camping zowat aan de Sea of the Hebrides. Daar hebben we geen spijt van. Onderweg worden we getrakteerd op prachtige uitzichten in wisselende landschappen waarbij het groen van de gladde heuvels ons wel het meest bekoort.

Naar de Westkust

21 juli 2025

We gaan vanuit Ripley, steeds verder naar het noorden en zijn Glasgow al gepasseerd. Onderweg komen we door de prachtige Yorkshire Dales. Prachtige muurtjes als afscheiding tussen de landerijen waar veel schapen lopen. Her en der verdwaalde boomgroepen tegen de hellingen.

Glasgow is een stad met rondwegen van vier tot zes banen en afslagen de stad in. Vergelijkbaar met Amsterdam. Juist de afslag naar Lomond, die wij wilden hebben was afgesloten. Dus moeten we een stuk de stad doorkruisen. Veel stoplichten en afslagen en lelijke architectuur. Daarna nog een uur over een weg waarbij het asfalt net zo goed een achtbaan zou kunnen vormen, naar de camping aan Loch Lomond. Hoe dichter bij de camping, hoe mooier het landschap en hoe steiler de achtbaan. Omdat zich achter mij een file vormt probeer ik sneller te rijden waarbij de Eriba achter de auto aan danst. Eigenlijk rijd ik met 60 km per uur net iets te hard naar mijn gevoel. Terwijl ik 60 miles per uur (96 km/uur) mag rijden. Dat rijden de Schotten, die me durven in te halen ook. Af en toe schiet ik een parkeerplaats op om de file achter me op te lossen. De volgende dag neem ik mij voor me niet meer gek te laten maken en rijd net zo hard als ik zelf veilig vind. Zo kan ik ook nog iets van het prachtige landschap ervaren. 

We staan direct aan het grote meer. Het weer is wisselvallig zodat er prachtige Schotse luchten ontstaan. We hebben als doel zo veel mogelijk de scheiding tussen land en water te volgen en gaan Clockwise Schotland rond. Natuurlijk fotografeer ik de prachtige gezichten op het water in een panorama. Zodat jullie niets missen. De eerste hierboven is Loch Lomond, een binnenmeer.

Gisteren hebben we het zoute water opgezocht door naar Invararay te rijden. Deze plek ligt aan een lange uitloper van Loch Fyne. Maar eerst hebben we boodschappen gedaan in Alexandria. Het centrum van de stad lijkt te worden gevormd door een groot parkeerplein tussen drie supermarkten. De Aldi, the Little en een plaatselijke naam. Vlak daarvoor maak ik foto’s van een industrieel architectonisch monument dat half ruïne en nog half in gebruik is. De Schotse architectuur is woest monumentaal. Het contrast met het prachtige golvende groene zachte landschap kan haast niet groter zijn.

Ik scoor onderweg, bij een rijdende snackbar op een prachtig uitzichtpunt, een broodje hamburger met lappen spek. Het broodje toont veel gelijkenis met de architectuur. Groot en vet.

Het uitzicht in Invararay is betoverend. ’s Middags is de bewolking nog aan de grijze kant. Maar ’s avonds, nadat we onze barbecue met lamskoteletten moesten redden voor een fikse bui, was het opgeklaard en was de lucht indrukwekkend.

Op onze route langs de kust vandaag, verder naar het westen, stuiten we op een archeologisch monument. Vijf stenen die rechtop in het gras staan blijken al een vroege poging (5000 jaar geleden) de hemellichamen zon en maan te duiden. Nog iets verder ligt een prachtig Schots kerkje met oude graven er omheen.

We bezoeken vandaag tot slot de Arduaine Garden. Een tuin met een verzameling zeer oude planten. Veel hortensia’s en uitheemse bomen en struiken. Ik vind het uitzicht boven op de heuvel, waar de tuin op ligt, het mooist. Dan kijk je over Loch Melfort.

We staan komende nachten op een hoog gelegen camping iets ten zuiden van Oban.

Schotland

18 juli 2025

We gaan met de Stena Line van Hoek van Holland naar Harwich. Zo anders om op een gigantisch groot schip te varen, zo anders dan op onze eigen Tiberius. Maar onze Tiberius ligt stil. Te wachten op nieuwe eigenaren, graag mensen die ook zo verliefd op ons schip kunnen zijn. Op deze grote afstanden en over de Noordzee gingen we toch al niet met ons eigen schip. Maar nu we anders gaan reizen is de ferry van Stena Line wel een uitkomst.

Na een autoloos bestaan van acht jaar, zijn we weer bezitters van een Audi A4. Net als Thijs en Marisja. En we hebben een piepkleine Eriba gekocht. Daarmee kunnen we toch nog zwerven. Ditmaal via Engeland naar Schotland. Het is wel wennen hoor, niet meer alleen een boot, maar ook een auto en een caravan. Met alle bijkomende producten erbij.

We vertrekken vanuit Hoek van Holland.

Na een prachtige oversteek komen we tegen de avond in Harwich aan en zoeken een camping. De volgende dag rijden we tot voorbij Leeds over de typische Engelse binnenwegen en snelwegen. Met name de A1 naar het noorden is bijzonder. Meestal ontbreekt er een vluchtstrook en vaak worden kruisingen opgelost met gigantische, spaghetti-achtige roundabouts. De opritten zijn vaak zeer kort. De auto’s rijden soms pardoes de snelweg op. Wij rijden met de vrachtauto’s mee. Niet meer dan 90 tot 95 km/uur. Het links rijden gaat goed maar wel uitkijken op de roundabouts. Daar komen de auto’s van links vlak langs je als je staat te wachten.

We stoppen samen met de vrachtauto’s voor de lunch.

We overnachten 2 nachten in Ripley op een groot caravan-park. De meeste caravans staan hier gewoon als zomerhuisje. Op vrijdag verkennen we de buurt. Harrogate en Knaresborough. Twee zeer verschillende plaatsen, naast het Yorkshire Dales National Park, met typische Engelse architectuur. We drinken koffie met iets lekkers bij Betty’s in het centrum van Harrogate.

Elburg Yachting

2e Pinksterdag 9 juni 2025

Na heel wat vijven en zessen liggen we nu in de verkoophaven van Elburg Yachting. Omdat de verkoop via de werf waar Tiberius is gebouwd niet erg veel respons gaf, hebben we er voor gekozen Tiberius via een internationale scheepsmakelaar te koop aan te bieden. Hier verwachten we meer respons. We krijgen hier in ieder geval al geinteresseerde kijkers.

Hier liggen en wonen we in de verkoophaven in Elburg

Het is wel even wennen. In de zomer ergens liggen en niet weg gaan maar gewoon blijven liggen. We weten natuurlijk dat we dat niet erg lang vol houden. Gewoon liggen en niets doen. Daarom hebben we al een paar beslissingen genomen. We kopen alvast een caravan en een auto. Na een speurtocht langs diverse grotere en kleinere campers liep ons spoor dood. De campers zijn of te groot om makkelijk in een stad te kunnen parkeren. Of te klein om goed beneden te slapen. Ja dat kan wel maar dan moet je elke nacht je huisje verbouwen. Dus het wordt geen camper maar een caravan. We hebben zo’n mooie klassieke Eriba gekocht. Eigenlijk zijn we daar altijd al verliefd op geweest. Lekker retro. Morgen gaan we op onderzoek in de omgeving van Amersfoort naar een auto die we voor een redelijke prijs kunnen kopen. Hieronder alvast een voorbeeld.

Eriba Camper 430 met daarvoor een nog nader te kiezen auto, maar in ieder geval niet blauw of rood

Drie weken geleden lagen we nog in Rotterdam Marina. We hadden het plan nog een paar dingen in Rotterdam te doen. Ik heb nog nooit een bezoek aan de van Nelle fabriek gebracht. Dat is natuurlijk een gebrek aan mijn opvoeding als architect. Dat is nu gecorrigeerd. Ik heb geboekt voor een excursie met gids in de fabriek en ben zeer onder de indruk van de verfijnde architectuur. Zeker voor een gebouw van 100 jaar oud. Ik vindt vooral de trappenhuizen goed omdat die op een mooie manier afwijken van de fabriekshallen. Daarin is namelijk kleur gebruikt. Niet zo gek dus dat de fabriek nu UNESCO werelderfgoed is.

Van Nelle fabriek Rotterdam

Ook hebben we op een mooie zonnige middag een bezoek aan het nieuwe Depot van Museum Boijmans van Beuningen gebracht. Aansluitend hebben we gedineerd in het restaurant boven op het Depot. Echt aan te bevelen.

Depot, Museum Boijmans van Beuningen met prachtig uitzicht over Rotterdam

Een van de laatste dagen hebben we nog een bezoek aan de Euromast gebracht. We hebben er al zo vaak onderdoor gereden op weg naar Zeeland. Dus nu moet het er van komen. We hebben halverwege de mast lekker met Rob geluncht. Het is een geweldig uitzicht zo tijdens het eten.

Uitzicht vanaf de Euromast

Op 26 mei zijn we vanuit Rotterdam de Nieuwe Maas en de Lek opgevaren tot aan Schoonhoven. De volgende dag varen we verder naar Nieuwegein waar we links af het klotsende Amsterdam-Rijnkanaal op gaan. Verderop, vlak voor Maarssen kunnen we via de smalle Vechtsluis de Vecht op. Dat weten we uit ervaring. Die Vechtsluis staat altijd open maar is niet veel breder dan Tiberius plus aan beide zijden stootwillen. Dit keer stond er echter zo veel stroom in het smalle gaatje dat ik niet kon voorkomen dat Tiberius opzij gezet werd. Door snel ingrijpen van Ria, die met een groot stootwil klaar stond hebben we schade aan het schip voorkomen. De stootwil is echter volledig aan flarden gevaren. Zo’n kracht stond er op.

Een kerk en een molen langs de Lek, de kerk van Schoonhoven. Daaronder de Prinses Beatrixsluizen in het Lekkanaal

Via een tussenstop in Amersfoort, waar we wel met een beetje weemoed afscheid van de haven nemen, zijn we afgelopen week via het Eemmeer, het Nuldernauw en het Veluwemeer naar Elburg gevaren. En nu is het afwachten.

Rotterdam Marina

Het is zowat twee maanden geleden dat we het vorige blog-bericht vanuit Weesp geschreven hebben. Inmiddels liggen we midden in het bruisende Rotterdam. Op een mooi plekje in Rotterdam Marina. Na Weesp hebben we een aantal weken in Haarlem gelegen. We konden daar onze weg pas naar Leiden vervolgen doordat de Cruquiusbrug in het weekend even werd geopend. Ook in Leiden hebben we lang moeten wachten, dit keer op een monteur die het lek in onze generator kwam repareren. Ook in Gouda hebben we een week gelegen. We vinden het helemaal niet erg om steeds weer n’ tijdje in een andere stad te liggen. Daarom wonen we ook op Tiberius. Bovendien heb ik de afgelopen maanden aan drie stedenbouwkundige opdrachten gewerkt. Daarvoor is het beter even te blijven liggen zodat ik me daar op kan concentreren.

Dat heeft mij natuurlijk niet belet om in de steden waar we lagen te fotograferen. Dat kan ik sowieso niet laten. In dit bericht zal ik die foto’s laten zien zodat jullie op de hoogte blijven. Na mijn laatste tentoonstelling in de Lieve Vrouw in Amersfoort met vierkante zwart-wit foto’s van de stad (Amersfoort, Utrecht en Amsterdam) ben ik verknocht geraakt aan zwart-wit. Die vorm geeft de ruimte van de stad en de contrasten uitstekend tijdloos weer. En ook in de straat- en portretfotografie geeft zwart-wit een mooi resultaat. Dat heb ik in de portretgroep in Amersfoort geleerd. Daarom zijn de foto’s die nu volgen in zwart-wit.

Haarlem

Haarlem is als vanouds. We liggen aan de steiger schuin tegenover het Teylers Museum. We doen boodschappen in de buurt achter ons, vlakbij de Amsterdamse Poort. We gaan eten bij Thom en Elly die in Haarlem wonen en gaan naar de film met eten Anita en Gerard, met aansluitend een etentje bij een beste Italiaan, waar de pizza’s flinterdun en ruim belegd zijn. Het weer is prachtig en de narcissen bloeien uitbundig aan de oever waar we liggen. Inderdaad, Haarlem is weer een feestje.

Leiden

We liggen met konings- en bevrijdingsdag in Leiden. Er is een uitgebreide rommelmarkt op de Hooglandsekerkgracht en in de Breestraat. Bij de molen is er een taptoe waar ik strakke gezichten van de muzikanten schiet. We gaan als vanouds bij het Prentenkabinet eten, ditmaal met Hilda en Nico die ons met een bezoek vereren. Frank en Ineke komen eten op Tiberius wat reuze gezellig is.

Gouda

In Gouda genieten we van de omloop rond de Sint Jans-kerk waar je je in de Middeleeuwen waant. In de kerk heeft Ria een Cantate gereserveerd, gegeven door de leerlingen van de plaatselijke Pabo. De organist die het koor begeleidt is van uitstekende kwaliteit. Jammer dat we er een dominee gratis bij krijgen die wel erg streng het geloof tussendoor probeert te slijten. We zijn weer voor lange tijd gezegend.

Hollandse IJssel

Onderweg naar Rotterdam passeren we de Stormvloedkering in de Hollandse IJssel. Een iconisch gebouw van architect Johan van der Steur uit 1958 waar we zomaar onderdoor mogen varen. Als we de Nieuwe Maas afvaren zien we de Brienenoordbrug waar we samen met een aantal vrachtvaarders tegelijk onder door gaan. Een oud slepertje met een nog oudere kapitein vanuit de museumhaven, loopt met ons gelijk op.

Rotterdam

Als we het Noordereiland ronden zien we het iconische silhouet van Rotterdam. We worden er van overtuigd dat Rotterdam eigenlijk de enige wereldstad van ons land is. Riek Bakker heeft als directeur van de Dienst Stadsontwikkeling, later de Dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting, haar schouders onder het nieuwe gezicht van de stad gezet. Rotterdam verkeerde ten tijde van Burgemeester Bram Peper, in de jaren 80 van de vorige eeuw in een crisis. Door het verlies van arbeidsplekken en de problemen in de volkshuisvesting had men geen aandacht voor de ontwikkeling van de stad zelf. De stad stond met de rug naar de Nieuwe Maas. Riek heeft het college en alle beleidsmakers doen inzien dat de Kop van Zuid samen met de aanleg van de Erasmusbrug de stad weer naar de rivier kon keren en Rotterdam een nieuw elan geven. Ze bouwde “Manhattan aan de Maas” op de Kop van Zuid. Als je Rotterdam binnenvaart voel je dat gelijk. En als je over de Wilhelminapier loopt voel je de prachtige ruimte die hier door de hoge gebouwen wordt geschapen. Gelukkig zijn veel oude gebouwen gespaard gebleven of omgevormd naar een andere functie waardoor ook de oude havensfeer niet verloren is gegaan.

Fenix

Als we een kopje koffie op het terras van hotel New York hebben gedronken zien we aan de overzijde het nieuwe Fenix liggen. Het kunstmuseum over migratie. Toepasselijker dan in Rotterdam kan dit museum niet staan. De plek waar de HAL als vanouds de emigranten naar het beloofde land Amerika bracht. En de plek waar de nieuwe gastarbeiders vanaf de jaren 70 naar Nederland gehaald werden om het vuile werk te doen. Het museum geeft daar een mooie inkijk in. Iconisch is de trap die midden in de grote voormalige Havenloods uit 1923 staat. Ooit was Fenix de grootste overslagloods van de wereld, ontworpen door architect Cornelis van Goor en gebouwd in opdracht van de Holland-Amerika Lijn. Toen heette het pakhuis nog Loods San Francisco en was 360 meter lang. Het gebouw is nu in tweeën geknipt en Architect Ma Yasong heeft de iconische Tornado (dubbele trap) toegevoegd zodat je vanuit het museum boven uit de Loods kunt komen en een prachtig uitzicht krijgt over het voormalige havengebied en de Nieuwe Maas.

Last Tango Tiberius

1 april 2025

Het gaat niet meer met Ria haar knieën op de boot. De laatste fysiotherapeut gaf de doorslag. De conditie van Ria haar benen en knieën gaat niet vooruit, ondanks alle oefeningen die ze doet. Ja, zegt de fysiotherapeut, als je op de boot blijft wonen is je emmertje steeds tot de rand toe gevuld. Dan helpen oefeningen niet. Op de boot moet je steeds je evenwicht corrigeren omdat hij beweegt. Bovendien zitten er veel trapjes in. De uitleg van de fysiotherapeut gaf voor ons de doorslag. Hij zei precies wat wij allang wisten maar niet aan toe wilden geven. Natuurlijk willen we het lieft nog jaren op Tiberius wonen. Maar het kan niet meer. Dus moet het spreekwoordelijke roer om. Blijkbaar moeten we deze mooie fase na 8 jaar varen afsluiten.

We hebben Tiberius bij Pollard te koop gezet. Ik heb natuurlijk een mooie verkoopfolder gemaakt met de oorspronkelijke bouwtekeningen, mooie foto’s en onze reizen. We gaan eerst afwachten wanneer we Tiberius kunnen verkopen. Daarna zien we wel weer. Ondertussen kijken we naar huur- en koophuizen en naar campers. Onderzoeken wat het nieuwe leven gaat brengen. Dan beginnen we een nieuw project. We hebben het vaker gedaan. Dat wordt dan de 9de keer dat we verhuizen. Hillegom, Geldrop, Veldhoven, Hoorn, 4 x Amersfoort en Tiberius. Exclusief de tussenliggende oplossingen om een korte periode te overbruggen omdat we even geen woonruimte hadden.

Enkele oorspronkelijke foto’s van Tiberius, 10 jaar geleden

Weesp

3 april 2025

We blijven in Nederland en gaan langzaam op weg naar Zeeland, maar of we zover komen moeten we nog zien. Een eventuele koper kan samen met Pollard naar ons toe komen. Ook beter dat we laten zien hoe Tiberius gebruikt wordt.
Op dinsdag 1 april zijn we in Amersfoort door medeoverwinteraars uitgezwaaid. Anne vaart een stukje met ons mee. De eerste dag varen we twee uur de Eem af en blijven bij het gemaal Eemnes aan de Eem liggen. De Eem is een prachtige rivier. Zeker in het voorjaar als de bomen nog grotendeels kaal zijn en het riet geel. Als we een korte wandeling naar het gemaal maken zien we een groep grutto’s foerageren. Ze maken een prachtig geluid en laten de tekening op hun vleugels goed zien als ze door de komst van een paar scholeksters opvliegen. De zon gaat aan het eind van de dag rood-gloeiend onder. Op woensdag varen we voor de wind het Randmeer af naar Amsterdam. Als we echter bij Pampus zijn trekt de wind aan en lopen er flinke golven vanuit het noord-oosten, dwars op Tiberius. Dat is niet fijn dus verleg ik de koers naar Muiden. Na de lunch worden we daar geschut en leggen aan in Weesp. Omdat Ria zich niet lekker voelt blijven we ook donderdag in Weesp liggen.

De prachtige Eem

De Grutto’s

Het Gemaal Eemnes

De Grote Zeesluis bij Muiden

Thuisreis

4 september 2024
Ondertussen liggen we, na een reis van 5 maanden al een paar dagen in Amersfoort. Ik heb zelfs de fotoclub al bezocht en heb de nazomerborrel voor 40 jaar SVP Architectuur en Stedenbouw mee gevierd. Over twee weken brengen we Tiberius bij onze werf in Hoorn die onderhoud doet en enkele reparaties zal uitvoeren.

De Rijn bij Emmerich

De IJssel voor Doesburg

Avond op de IJsselkade van Doesburg. Een grote zwerm kraaien vliegt luidkeels over, op zoek naar een rustplaats voor de nacht.


We zijn ruim ‘n week geleden op ‘n zondag verder de Rijn afgezakt en via het Pannerdenskanaal de prachtige IJssel op gevaren om voor twee nachten in Doesburg aan te leggen.
We besluiten daarna niet in Zutphen of Deventer aan te leggen maar ditmaal door te varen naar Veessen. Het blijkt een uitermate gezellige haven direct aan de IJssel met een prachtig dorp op en achter de IJsseldijk.

Ook een dorp met een onverwacht verhaal. Onverschrokken boogschutters, de Basjkieren, zijn hier namelijk in 1810 via een door de Kozakken gevormde schipbrug de IJssel overgestoken, om vervolgens in opdracht van Tsaar Alexander I door te stoten naar Den Haag en Amsterdam en daar de troepen van Napoleon te verjagen. Zij hebben daarmee een essentiële bijdrage geleverd aan de vorming van onze huidige monarchie.

Schipbrug bestaande uit veel Kozakken in bootjes.

Stadsgezichten van Elburg, zonder overbodige reclame en zonder de vele terrassen in de stad.

Onze laatste nacht blijven we in Spakenburg, vanwaar we met prachtig ochtendlicht over het Eemmeer naar de Eem varen, om al om 11.00 uur in Amersfoort aan te meren.

De Rijn

24 augustus 2024

We liggen in de jachthaven van Wesel aan de Rijn. Zijn hier vanaf Hannover via het tweede deel van het Mittellandkanaal, het Eems- Dortmunt Kanaal en het Wesel-Datteln Kanaal in 11 dagen naartoe gevaren.
In Hannover haalt Ria Anne van de trein terwijl ik op de boot blijf en een salade maak.. Het is voor het eerst dat Anne ook met ons schip meevaart. Ze past prima in ons team. Slapen is wel wat lastiger omdat het hele warme dagen zijn. Na twee dagen varen gaat ze weer in Minden van boord. Het is een mooie plek om te liggen zo bij de kruising van het Mittellandkanaal en de Weser. Bovendien is het in Minden makkelijk de trein weer terug naar Amersfoort te nemen. Wij varen verder op het Mittellandkanaal.

Bij een tussenstop op het Mittellandkanaal bij Idensen. We maken een wandeling in de landelijke omgeving en eten een ijsje bij een boerderij met theetuin.

Op een van de dagen aan het Mittelandkanaal hangt ‘s morgens nog de mist tussen de heuvels van het Wiehengebergte dat voor een deel parallel loopt aan het kanaal.

Als we afgeslagen zijn richting Münster ligt aan bakboordzijde het Teutenburger Woud waar Thom en Elly een week ervoor een gedeelte van de Hermannsweg hebben gelopen.

In Münster leggen we traditiegetrouw aan langs de lange kade van de stad waar zich veel luidruchtige terrassen bevinden. Het voordeel is dat het hier in Duitsland rond halftwaalf stil is. Heel anders dan in Nederland waar de herrie na twaalven meestal toeneemt. De haven van Münster is ook prachtig met oude pakhuizen en nieuwe gebouwen die daarbij passen. We blijven er twee nachten liggen en bezoeken de binnenstad.


In de binnenstad vallen de vele gebouwen met arcaden op. Dat is een kenmerkend gebouwtype hier in de oude stadskern. De Dom fotografeer ik dit keer uitgebreid. Het licht staat prachtig op de grote kerk en het plein ervoor is leeg. Jammergenoeg zijn we maar even binnengeweest omdat er even geen pottenkijkers gewenst zijn tijdens een korte mis die zo begint.
We wandelen verder langs een oude beek naar het meer dat direct tegen de oude kern aanligt. Daarvandaan nemen we de bus terug naar de haven, want voor Ria haar benen hebben we ver genoeg gelopen. Als we nog verder gaan heeft ze vanavond weer veel pijn in haar knieën.

De Dom fotografeer ik dit keer uitgebreid. Het licht staat prachtig op de grote kerk en het plein ervoor is leeg. Binnen heb ik nog wel de kans een mooie verlichte trap te fotograferen. Is dit nu de Stairway to Heaven?

Op het Wesel Datteln Kanaal zijn er totaal 5 sluizen waar we telkens 6 tot 9 meter zakken. Zo komen we steeds dichter bij het niveau van de Rijn.

Halverwege het Wesel- Datteln Kanaal komen we een omvangrijk petrochemische industriegebied tegen.

Vanuit het Wesel- Datteln Kanaal wacht ik op de kruising met de Rijn totdat er geen verkeer stroomafwaarts komt. Ik sluit achter het laatste schip aan dat stroomafwaarts 16,5 km per uur vaart. Tot de afslag naar de haven van Wesel. Daar draai ik,, met behulp van de boeg- en hekschroef, scherp rechts en vaar terug stroomopwaarts de haven in. Gelukkig is de havenmonding ruim genoeg.