Trein reizen

Even terug in Amersfoort. Wel bijzonder om in 6,5 uur van Potsdam naar onze oude wereld te reizen. Even weg van onze rondreis door noord Duitsland en weg van ons vertrouwde thuis, Tiberius. Vreemd ook om in Amersfoort te zijn en daar geen huis meer te hebben terwijl we daar op wel 3 plekken gewoond hebben.

Elk plekje in Amersfoort kennen we. Lopen blindelings door de stad. De vlaggetjes van Koningsdag hangen nog aan de lantarenpalen. We slapen in Hotel Mercure op de 7e verdieping met een andere blik op de stad. Mooie zonsondergangen en zicht tot aan de toren in Stadstuin en verder tot aan de windmolens langs het randmeer bij Spakenburg. We ontmoeten Ivo en Amber in ons huisrestaurant “La Scala” waar we weer een lekkere Italiaan eten. Vrijdag eten we met Thijs en Marisja bij restaurant “Voor Iedereen”. We hebben ze in de werkplaats opgehaald. Harde werkers, zwart en onder ’t stof. Ze zijn hun derde, nog grotere Klapkar aan het maken. Het is voor hen de drukste tijd van het jaar. Alle festivals vinden nu plaats. Bij restaurant Voor Iedereen zitten we naast de keuken, Thijs zijn favoriete plek. Er wordt lekker voor ons gekookt en we vieren Maris haar verjaardag.

Fijn om ons kroost weer even te zien, bij te kletsen en te knuffelen. Zo kunnen we er de komende maanden weer tegen.

We bezoeken het kleine nieuwe museum Musiom in de voormalige kerk aan de Stadsring met werk van Poen de Wijs, waar ik van onder de indruk ben. Hij heeft zich ontwikkeld van abstract naar realistisch en de eerste realistische aquarellen, daarna in olieverf en acrylverf. Met zijn eerste realistische aquarellen werd Poen de Wijs bekend in Nederland, vooral doordat deze voor platenhoezen van de band Flairck werden gebruikt.

Inmiddels zijn we weer terug op Tiberius en hebben we Potsdam en Berlijn verlaten. Zijn onderweg naar de Oder. We liggen ten zuiden van Oranienburg in de Havel, voor anker. Op naar de Oostzee!

Sprookjeswereld

Toen we 11 jaar geleden hier waren vergeleek ik de Havel in de omgeving van Potsdam met Italië, gezien de sylhouetten van de hoge populieren die zich als cypressen tegen de lucht aftekenden. De Havel is hier geen rivier in de gebruikelijke betekenis van een meanderend stuk water, maar een aaneen- schakeling van kleine en grotere meren. Daar waar nog wel enigzins van een rivier sprake is, doorbreken de vele dode armen het doorgaande beeld. Bovendien is het langzaam, aan ons voorbij trekkende landschap zelden saai. Hoge populieren, lagere bossages en rietkragen worden afgewisseld met doorkijkjes en hier en daar een oude omgevallen dode boom die de natuurlijke staat van het landschap benadrukt. Het is ook leuk dat we alle tijd hebben. Als we varen doen we het langzaam en een klein stukje. Leggen dan rond 12 uur weer aan bij de volgende leuke plaats.

Het Werder Insel in de Havel
De huizen op het Werder Insel hebben alle kleuren

De padden schreeuwen van ’s avonds laat tot de volgende morgen wanneer het licht wordt. Doet ons denken aan de Oranjelaan waar de vijver er vol mee zat. We kennen het ritueel. Het mannetje klimt op het vrouwtje haar rug en zet zijn voorpoten om haar oksels. Hij bevrucht de eitjes wanneer die als een lang snoer uit het vrouwje komen. Die kerels zijn zo gek dat ze heel veel geluid maken en vaak ook nog eens het vrouwtje verdrinken omdat ze met meerdere tegelijk op zo’n vrouwtje springen. Het is een ruig spel. Voor ons versterkt het geluid de romantiek op het water.

Met de huidige temperaturen is varen wel beter uit te houden dan stil te liggen. Gisteren liep de temperatuur voor de derde dag op tot 35 graden. Tegen middernacht is het nog steeds 29 graden aan boord. Aan het eind van de middag kunnen we alleen maar slapen. Zelfs iets lezen lukt niet. Zo tegen de avond veren we weer een beetje op, drinken en eten wat en lezen de krant. Gelukkig was er gistermiddag wat onweer. Dat bracht heerlijk wat verkoeling.

Zonsondergang in Ketzin

Vandaag een rondje gefietst om het meer waar we nu aan liggen. Leuk om een stukje te fietsen. Je ziet in een korte tijd meer. Fietspaden zijn hier in Duitsland echter vaak niet aanwezig. Dan moet je gewoon hobbeldehobbel op de stoep fietsen met elke 50 meter een oprit. IJsje in een mooi rood gestreepte strandstoel als beloning.

Brandenburg aan de Havel

We liggen voor de derde dag in Brandenburg aan de Havel en genieten van de stad. Gek om hier na 11 jaar weer terug te zijn. Ria is steeds op zoek naar beelden van toen en vindt die maar deels. De stad is in die 11 jaar ook veranderd. Steeds meer verveloze gebouwen uit de DDR tijd verdwijnen. Gaten worden opgevuld en veel panden gerestaureerd. Naast opgepoetste in diverse felle kleuren geschilderde traditionele villa’s staan mooie karakteristieke gemetselde panden. Het mooie stadsgezicht naar het Dominsel en de Mühlendamm herinneren we ons nog wel van 11 jaar geleden.

Zicht op het oudste eiland van Brandenburg aan de Havel, het Dominsel.
Mühlendamm die naar de oude Dom leidt.

In de oude stad ligt de Rittenstraße waar ik niets meer aan hoef te doen. Geen verkeersborden, prachtige bestrating en nauwelijks geparkeerde auto’s. De rails van de tram accentueren de lichte glooiing van de straat. Om de hoek staat de prachtige Art nouveau-villa aan de Plauer Straße, het voormalige woonhuis van Ernst Paul Lehmann. De villa werd in 1901, door architect B. Möhring ontworpen. Ik maak er een plakplaatje van voor in mijn album! Het is geïntegreerd in het gebouwencomplex van de voormalige succesvolle speelgoedfabriek van Lehmann. Lehmanns speelgoed bezat een bijzondere kwaliteit. Het bedrijf produceerde o.a. mechanisch bewegende objecten zoals vliegtuigen, schepen, auto’s en motoren die op dat moment erg populair waren. Een belangrijk deel van de productie werd geëxporteerd. Daarvoor bouwde Lehmann naast zijn fabriek zijn eigen postkantoor. Want alles ging nog per post. Het bedrijf was met 800 medewerkers, een van de grootste werkgevers van de stad.

Rittenstraße
De in 1901 door B. Möhring ontworpen Art nouveau-villa van directeur Lehmann

De Havel

Afgelopen anderhalve week zijn we verder het Mittellandkanaal “berg op” gevaren. Aanlegplaatsen waren Haste, Hannover, Braunschweig en Calvörde. Natuurlijk in Hannover weer bij de Goldener Drache gegeten. We verkennen het meer historische deel van de stad en ik maak foto’s van de Marktkirche en het Alte Rathaus.

Alte Rthaus en Martkirche
En het andere Hannover vlak bij de Chinees

Ook een bijzondere ontmoeting met Cartsen Wegener. Hij heeft een leuke boot in de haven liggen maar hij droomt er van om op een grotere boot te gaan wonen. De tekeningen heeft hij al klaar. Zeer verdienstelijk. Hij kwam er mee aan boord, onder de indruk van Tiberius. Na enkele gesprekken had hij wel door dat hij nog een weg te gaan heeft. We zijn benieuwd naar zijn volgende versie.

Ria maakt zich bij vertrek uit Hannover zorgen over sluis Anderten met een “hub” van 14 meter. De laaste keer ging ik rustig aan dek foto’s maken en moest Ria stevig aan de lijnen hangen om Tiberius in evenwicht te houden. Dit keer bleef ik braaf op mijn plek en ging het beter. Beetje gas vooruit en weer achteruit en ook een boegschroefje er bij. Zo blijven we beter bij de sluismuur hangen. Het gaat ook wel heel snel en van dikhout zaagt men planken.

Wel foto’s van de prachtige sluis Hohenwarthe direct na het grote Wasserstraszenkreuz Magdenburg over de Elbe. Daar zijn drijvende bolders en is het sluizen, ook voor Ria, een makkie. Ook al overbruggen we zowat 20 meter in een keer.

We doen het beter dan de Fortuna die zich in sluis Sülfeld bijna ophing. We hebben de aardige man uit Zuid Afrika en zijn Poolse vriendin, al eerder in Hannover ontmoet. Ze hebben plannen om met hun uit Frankrijk gehaalde boot de oceanen te bevaren maar laten de Fortuna eerst in Sczettin opknappen. Toen sluis Sülfeld met een flik vaartje leeg liep gaf Ria een gilletje. De Fortuna bleef met de op het dek gebonden mast op de rand van de sluis hangen. Ik heb snel de sluiswachter via de marifoon opgeroepen en riep: stop, stop, stop! Ondertussen hing de onfortuinlijke Fortuna al bijna 4 meter scheef. Nadat de sluismeester de sluis weer vol liet lopen en daarna zeer, zeer langzaam leeg was het leed geleden. Een aardige relatietest voor het stel zullen we maar zeggen.

Nu liggen we in een haventje aan de Plauer See, een meer als onderdeel van de Havel. Na alle kanalen eindelijk een plekje met uitzicht over wat groter water. Heerlijk! Aangemeerd bij een bullebak van een havenmeester, die ons er van verdacht dat we even kwamen en direct weer weg zouden gaan. Ons al scheldend ontving nadat we na vijf uur varen en twee sluizen even rustig gingen zitten, voordat we ons gingen aanmelden. Hoezo gastvrijheid?

Kilometers kanaal vreten

Vanaf Leer wordt de Eems steeds meer Dortmund-Eems-Kanaal. Naarmate we dichter bij het Mittellandkanaal komen neemt het aantal sluizen toe. Eerst een per 20 kilometer, dan een per 10 kilometer en uiteindelijk liggen de sluizen nog maar 4 kilometer uit elkaar. Bovendien neemt het aantal schepen toe. En vooral schepen die maar net in de sluis passen. Die exemplaren van 85 x 10 meter persen zich uiterst langzaam in de sluis die maar enkele decimeters breder is. En na een uur sluizen moet je er achter blijven. Inhalen gaat niet en heeft bovendien geen zin. Bij de volgende sluis gaan ze toch weer voor.

De natuur langs het kanaal heeft het voorjaar in zijn bol. Al de bomen en het gras is licht groen. Wat dat betreft is het niet erg om langzaam te gaan.

Onderweg stoppen we in Meppen omdat we er in vorige jaren al vier keer voorbij zijn gevaren. Het leek ons een mooie stad met de wallen er nog omheen. Langs de rivier zag Meppen er goed uit. Toen we eenmaal door de stad liepen viel het zwaar tegen. Te Duits, met verkeerde hardgebakken straatstenen en stijve nieuwe invullingen. Technisch was het allemaal dik in orde maar zonder samenhang en smaak. De oude Propsteikirche St.Vitus was echter bijzonder. Daar maar een mooi plaatje van gemaakt.

We liggen nu in Bad Essen. Een leuke plaats langs het Mittellandkanaal. Beetje Laren qua uitstraling. Komt waarschijnlijk omdat het een oud Kuuroort is. We eten bij Höger’s op het mooie dorpsplein.

Leer

vertrek uit Delftzijl
Vertrek uit Delfzijl, via de Dollard de Ems op.

Al zwaaiend door de bocht met een stroom van 6 km per uur mee stuiten we na een dag varen om vijf uur ’s avonds vanaf de Ems de Leda op. Het is wennen op de snel stromende rivier. Terwijl je het stuur omdraait lig je al weer 20 meter verder op. Het is de kunst het “gaatje” van de Leda te vinden. Maar alhoewel Ria op moment suprème riep dat het hier niet was, is het gelukt. Leer is een leuke plaats met een echte promenade. De hele dag lopen er veel mensen langs het steiger alsof we aan zee liggen. Er is een Altstadt. Jammer dat het raadhuis in de steigers staat. Het valt op dat er veel meer ruim volwassen bomen in de smalle straten staan. Exemplaren die bij ons allang zouden zijn omgezaagd. Ze zijn er hier blijkbaar zuiniger op. Gisteren zijn Ton en Ine op bezoek geweest. Ine heeft lekkere lasagne voor ons gemaakt en we eten een ijsje toe in het dan al uitgestorven stadje, voordat we Ton en Ine uitzwaaien. Morgen gaan we om 7.30 uur verder de Ems op. Kijken hoe ver we komen.