Sjaellands Odde

Tiberius ligt direct aan de pier in Odden Havn

Het lijkt ondertussen wel of we in Sjaelands Odde wonen. Weten de weg naar de supermarkt feilloos te vinden. En leggen al contacten met bewoners. Gisteren bijvoorbeeld met de vriendin van de eigenaar van een delicatessenwinkel. Ze is in Nederland geboren en heeft in Denemarken stedenbouw gestudeerd. Ze werkt bij de gemeente die het hele schiereiland beslaat. Nu kunnen we eindelijk eens praten over de slechte staat waarin het dorp Odde zich bevindt. Lekker roddelen over de eigenaar van de ruim gesorteerde viswinkel hier op de haven die alle uitbreiding van activiteiten tegenhoudt. En over de slechte staat van de wegen en de sobere staat van de woningen. Het blijkt dat het dorp voor 2/3 uit vakantiewoningen bestaat. De eigenaren betalen hier geen belasting. Er is hier niet zoiets als toeristenbelasting. Dus dan is het logisch dat de gemeente geld te kort komt. De jonge stedenbouwkundige heeft hier een prachtig jaren 30 “opknap-huis” gekocht, dat ze met vrienden gaat opknappen. Ze probeert, als stedenbouwkundig medewerker, de gemeente achter een plan te krijgen waarin Odde zich verder kan ontwikkelen. Lijkt me geen eenvoudige taak voor een pas afgestudeerde stedenbouwer. We wensen haar succes.

Het schiereiland is trouwens prachtig. Doordat het zo smal is en door de hogere ligging zie je soms de zee aan beide zijden. De pas met maïs ingezaaide akkers vormen prachtige golvende sporen naar zee. We wandelen in een uurtje naar Odden Kirke. Een vreemd vuurrood geschilderd, middeleeuws kerkje in het dorp Overby met een kerkhof er omheen. Jammer dat alle deuren op slot zitten. De interieurs van de oude Deense kerkjes zijn vaak erg mooi. We eten onze broodjes met een kopje bouillon in een hoek naast de kerk. Een beetje uit de wind want het waait behoorlijk. We nemen een andere weg terug waarbij we de zee tussen ons en het eiland Sejerø zien liggen. Sejerø is onze volgende bestemming waar we pas naartoe kunnen varen als de wind afneemt. Hopelijk kan dat a.s. maandag.

De haven is prachtig met de helder blauw geschilderde vissersboten die qua kleur mooi bij de heldere blauwe luchten en ook bij de dreigend blauwe onweerswolken passen. De gekleurde vlaggetjes op de schepen steken in de avondzon scherp af tegen de donkere achtergrond. Een paar keer per dag, soms in de nacht, schrikken we op als de fel oranje gekleurde Pilot vlak voor ons met veel kabaal wegracet om het volgende zeeschip te begeleiden. Lijkt ons zwaar werk. We moeten even op de muur rond de haven klimmen om de zee te zien. Blijkbaar is deze hoge zeewering noodzakelijk om de haven te beschermen bij echte noordelijke herfststormen. Het voordeel is wel dat we achter de muur een beetje uit de wind liggen.

Twee dagen geleden zijn we op aanraden van Jos met de bus naar het Hempel glasmuseum gereisd. Het kleine museum, met een particuliere verzameling glaswerk, ligt op enige afstand van Nykøbing waar de bus stopt. We eten eerst iets in het plaatselijke cafe in Nykøbing en wandelen via het bos naar het museum dat tegen een helling ligt. Er is een prachtige verzameling glaswerk uit alle eeuwen te zien. J.C. Hempel heeft tijdens zijn leven de collectie verzameld. Hij verdiende veel geld aan een goede scheepsverf die hij ontwikkelde en met name aan de firma Maersk verkocht. De grote lichtblauwe containerschepen varen over de hele wereld. De combinatie van het glaswerk, tentoongesteld in een mooie hoge lichte ruimte, dat met een groot raam uitkijkt op de Nykøbing Bugt, maakt dat het glas nog helderder overkomt. Ria is onder de indruk van de prachtige, uit gekrulde glazen onderdelen opgebouwde, ovale bol van Jeanet Iskander, die de glasprijs van het museum in 2015 won.

Toen we maandag de rustige oversteek van Hundested naar Odde maakten, zagen we het schiereiland Overby op haar mooist. Zacht golvend reist het uit zee omhoog, hier en daar getooid met groepjes naaldbomen. Twee dagen er voor waren we al over de Roskildefjord naar Hundested gevaren. Alhoewel er een aardige noordelijke bries stond, hadden we daar op de fjord weinig last van. Totdat we bij het gat bij Hundested kwamen. Toen heb ik Tiberius en Ria weer op de proef gesteld. Ik moest gas terug nemen omdat Tiberius zich gedroeg als een duikelaartje waarbij de neus diep in de opeenvolgende golven dook. Dan helpen stabilisatoren niet. Alleen als de golven van opzij komen.

Denemarken

vrijdag 20 mei

oversteek van Zweden naar Denemarken

Reizen over het water brengt een extra dimensie met zich mee. Water geeft je een enorme vrijheid. Maar maakt je aan de andere kant ook zeer afhankelijk. Van het water en het weer. Ook wel de elementen genoemd. En die zijn niet voor de poes. Als je daar niet goed mee omgaat kan dat grote gevolgen hebben. Maar als je er wel goed mee omgaat, en je past je aan, dan is de beloning groot. Je ziel stijgt op tot het bovenmenselijke.

Blijkbaar brengt het ouder worden met zich mee dat je dat spel minder goed kan spelen. Of dat je misschien vroeger wel te roekeloos was en daardoor ver kwam. Door schade en schande dus. Ria merkt dat van ons twee het meest. Ik ga met mijn dolle kop wellicht nog te veel door roeien en ruiten. Maar natuurlijk besef ik ook steeds meer dat het minder gemakkelijk gaat. Je raakt eerder vermoeid. Je ziet het gevaar eerder. Maar de conclusie is dat we het rustiger aan gaan doen en het rondje Noorwegen wordt een rondje Denemarken.

Ik vermaak me met het verhaal van Rob en Nienke Peters over de reis met hun Hutting 40 in 2008 naar de Lofoten. Een zeer bijzondere reis van 4,5 maand. Met af en toe gewaagde stukjes. Met Tiberius zou het veel moeilijker zijn om de buitenkapen rond de Fjorden te passeren. Als ik lees hoe het er op de Hutting aan toe gaat, moet ik er niet aan denken dat we er met onze stalen, zware Tiberius, met Ria aan boord, in terecht zouden komen. Dat overleven we niet. Een Hutting is daarvoor gebouwd. Dus geen Noorwegen en toch ’n beetje Noorwegen door het lezen van het prachtige reisverhaal van Rob en Nienke. Geen beter moment om dat te doen.

We zijn van Zweden naar Denemarken overgestoken, lagen gisteren in Hundested en zijn nu de mooie Roskilde Fjord in gevaren. We onderzoeken Denemarken van binnen en van buiten. Voor Ria geeft het nu al rust. In Hundested hebben we het Knud Rasmussen-museum bezocht. Erg interessant om zijn reisgeschiedenis te lezen en de wijze waarop hij voor Denemarken Groenland en de Inuit-cultuur van de inlandse bevolking onderzocht. De haven in Hundested is ook leuk. Zoveel vissers als er liggen. Ook hele oude, vergane glorie. Er varen vooral nog hobbyvissers met kleine plastic bootjes.

Ik ben altijd jaloers op het prachtige vergrijzende hout aan woningen en in de havens in Denemarken. Dat kan niet in Nederland. Daar wordt het onbehandelde hout direct groen. In Hundested hebben ze een pier vernieuwd met prachtige grote gestapelde stenen in combinatie met het vergrijzende hout. Om van te smullen zo mooi.

De tocht over het Roskildefjord was bijzonder. In de ochtendnevel was het land rondom grijs terwijl er onweerswolken over trokken. Het gaf een Lord of the Rings- sfeertje. Erg mooi. Het is overigens oppassen. Ook al is de Fjord qua breedte te vergelijken met onze randmeren, in combinatie met een stukje Markermeer, zijn de vaargeulen vaak erg smal. We varen dan ook sommige stukjes van boei naar boei.

In de ochtendnevel was het land om ons heen grijs terwijl er onweerswolken over trokken. Het gaf een Lord of the Rings- sfeertje

de Sont

Zaterdag 7 mei

We varen beetje bij beetje over de Sont/Øresund tussen Denemarken en Zweden en zijn nu op het smalste stuk in Helsingør aangekomen. Gekke stad met ervoor het gigantische kasteel Kronborg en de steeds heen en weer varende ferry’s, waar wij tussendoor moeten om de haven te bereiken. We mogen in de Kulturhavn liggen, tegenover het kasteel. Alleen voor schepen groter dan 15 meter. Aan de andere zijde ligt het nieuwe cultuurcentrum. We liggen naast een militair schip. Ik vind de kleuren van Tiberius toch mooier.

Toen we nog in Dragør, aan het begin van de Sont lagen, zijn we in een uurtje met de bus naar Kopenhagen gereisd. We stappen uit tegenover Tivoli. Gek zo’n pretpark achter een muur midden in de stad. En lopen naar het prachtige museum Glyptoteket. Het 125 jaar oude gebouw heet eigenlijk ‘Ny Carlsberg Glyptotek’. Het museum is vernoemd naar de brouwerijen van de beroemde Deense bierbrouwer Carl Jacobsen. Hoewel een glyptotheek eigenlijk een ‘verzameling van beeldhouwwerken’ betekent, kun je nog veel meer kunst in dit museum bekijken. Het museum is in een schitterend pand gehuisvest, tegenover amusementspark Tivoli. Dat was eigenlijk een doorn in het oog van Carl Jacobsen, die zijn enorme kunstcollectie aan de staat doneerde op voorwaarde dat de collectie in een speciaal gebouw ondergebracht zou worden. Dat dit gebouw naast het wat vulgaire Tivoli (waar in zijn ogen vooral het ‘gepeupel’ kwam) stond, beviel hem eigenlijk maar niets.

Ter gelegenheid van het 125 jarig bestaan van de Glyptoteket is er een speciale tentoonstelling van de franse schilder Suzanne Valandon te zien. Ze schildert een beetje naïef zoals Charley Toorop.

We lunchen onder de prachtige koepel van de Glyptoteket en lopen door de mooie Deense stad totdat onze voeten pijn doen. Tegen vijf uur zoeken we nog even een fotograaf, die de gevoelige plaat van mijn fototoestel schoonmaakt zodat ik weer smetteloze plaatjes kan schieten.

Donderdag 5 mei varen we met een rustig zeetje naar het ons bekende eiland Ven, de Denen zeggen “Ween”. We zien het silhouet van Kopenhagen achter ons aan de horizon verdwijnen. De haven van Kyrkbacken op Ven ligt beneden aan de rots, bovenop staat een wit kerkje. Bij aankomst verruild Ria het Deense gastenvlaggetje voor het Zweedse, want Ven ligt in Zweden. We maken een prachtige wandeling over het eiland, langs een pad dat voor een deel over de rand van de kliffen loopt. We zien Helsingborg aan de overzijde liggen.

Gisterochtend twijfelden we of we wel zouden uitvaren. De wind zou aantrekken uit westelijke richtingen. Dan zouden we bijvoorbeeld naar Mölle kunnen varen. Maar, dan komen we wel op groter water. We nemen toch de gok en varen uiteindelijk maar tot Helsingør omdat de deining toch toeneemt. Zul je altijd zien. Het is al zowat twee maanden oostenwind en als wij langs de Zweedse westkust willen varen draait de wind naar west, recht op de kust. Nou ja. Morgen, op zondag is er een weergaatje en proberen we een eind langs de Zweedse kust te komen. Kijken hoever we op een dag kunnen.

Kopenhagen

dinsdag 3 mei

Loodstoren op Dragør

We zijn in Dragør, vlak bij Kopenhagen. Het is in 4 dagen alweer de derde bestemming in Denemarken, na Gedser op het eiland Falster en Klintholm Havn op het mooie eiland Møn. Dragør, heeft als vissersplaats Nederlandse roots. Dat kun je goed zien aan het dorp wat aan de haven ligt. Het doet allemaal erg Hollands aan met smalle, verspringende straatjes zoals ook in het vissersdorp Marken. De oversteek vanuit Rødvig is heel rustig. We zijn vroeg opgestaan om de wind voor te zijn. Onderweg zien we prachtige zeegezichten, zowel vroeg in de ochtend als we Rødvig verlaten als bij de landing in de Sont aan de overkant.

brug tussen Denemarken en Zweden over de Sont
Windmolens in zee aan de Zweedse kant

Op Møn komen we pas echt in Deense sferen. We zeggen tegen elkaar dat we ons een beetje in een sprookje wanen. Als je de gebeurtenissen van de komende twee dagen leest, snap je ook dat het niet zo gek gedacht is.

Op Møn hebben we vanuit Kintholm Havn de bus gepakt, naar Stege. Stege ligt aan de andere kant van het eiland. Het is zo leuk om een ritje over het eiland te maken, je ziet alle landschappen langskomen. Glooiend, vooral glooiend, dit landschap. Heerlijk, zo lieflijk, zo romantisch. Prachtige groene biljartlakens, afgewisseld met knalgele koolzaadvelden. Kleine dorpjes met allemaal typisch Deense kerkjes, vaak met een toren met een trap- of topgevel. Vaak hebben de Deense kerken mooie kleuren aan de binnenkant en er hangt ook altijd wel een scheepje aan het plafond. 

In Stege bezoeken we de kerk en worden verrast met pianospel. Een pianist mag de kerk gebruiken als oefenlokatie. Hij speelt een stuk van Gabriël Fauré. Prachtig, en het verbaast ons dat het zo mooi zacht en rond klinkt, ook al speelt hij in een toch wel vrij grote kerk. We zeggen dat we het erg mooi vinden en hij vertelt dat hij ook op het orgel mag spelen. Hij trekt zijn speciale tango-schoenen aan en we krijgen ook nog een orgelconcert.

We eten de lunch bij een slager in de hoofdstraat. Achter zijn winkel bevindt zich een grote overdekte hof met daarin nog de oude woningen. Alles gelaten zoals het was. Geweldig, hier een tafel in een oude woonkamer, daar wat tafels in een winkel, voor ons een tafeltje in het halletje van een oud huisje. Heel lekker mét glutenvrij brood!

Om half drie weer terug met de bus. Terwijl we naar het station teruglopen komt er een bus aan en de chauffeur begint uitbundig naar ons te zwaaien. We snappen er niets van, we kennen hier immers niemand. Gingen we nog eens goed kijken en bleek het de pianoman te zijn. Hij is buschauffeur! Grappig, wat een bijzondere ontmoeting. 

Vandaag varen we van Møn naar Sjaeland. Het doel is Rødvig Havn, een mooie oude vissershaven. We zijn er al eerder geweest met onze ONJ. We varen om 9.00 uur uit en glijden even later over een glad zeetje langs Møns Klint. Wat is dat toch indrukwekkend; met je eigen boot op zee naar dit wonderlijke natuurverschijnsel kijken. Witte kalkrotsen rijzen 126 meter uit zee op,  in een lengte van wel zes kilometer.  In de laatste 100.000 jaar vanaf de zeebodem opgestuwd door gletsjers. De kliffen zijn zo puntig, dat het lieflijke eiland en dus het lieflijke sprookje toch een scherp kantje krijgt. Wat ruig!

Wanneer we hebben aangemeerd in Rødvig, hoor ik in ene: hé Ria en zwaaien er mensen vanaf de kant naar ons. Wat is dat nu, wie weten er nu dat we hier zijn?Hanne en Tess staan op de kade, samen met hun twee lieve kindjes. We drinken thee op de boot, weer een onverwachte, ontzettend leuke ontmoeting.